vrijdag 21 april 2006

alternatief van de kanotocht


Wat een toestanden hier in Suriname. De geplande try-out van de wilde kust Matapica zee kanotocht is niet door gegaan omdat een en ander in Suriname toch wel heeeeeeeeeeeeel erg lastig te organiseren valt. Suzette heeft erg veel moeite gedaan om ons een aantrekkelijk alternatief te bieden en we moeten zeggen dat haar dat bijzonder goed gelukt is. Voordat we dinsdag vertrokken met Blue Frog, hebben we Fort Zeelandia nog even bezocht, dat nu wel open was. Bijzonder indrukwekkend, ondanks het huiveringwekkende verleden (de decembermoorden hebben hier plaatsgevonden en er zijn heel wat slaven gemarteld en vermoord). De officiershuisjes er rond omheen zijn volledig in 18e eeuwse stijl (ook het interieur) gerestaureerd.
Daarna zijn we eerst met een minibusje van reisburootje Blue Frog naar een bosneger dorp geweest, genaamd Santigron. Het ligt op een uurtje rijden van Paramaribo het binnenland in. Het is alsof je in Afrika in een negerdorp komt, en in feite is het dat ook. Het zijn dus de afstammelingen van de gevluchte slaven, de Marrons geheten, die zich in de slaventijd in het oerwoud gevestigd hebben. Ze hebben al hun Afrikaaanse gebruiken meegenomen en voor een heel groot gedeelte in stand gehouden tot op de dag van vandaag. Vrouwen met ontbloot bovenlichaam en piemelnaakte kinderen zijn er heel normaal. Uiteraard (en ook zeer begrijpelijk) mag je er dus niet fotograferen. We hadden een lokale gids die ons in het dorp heeft rondgeleid en alles heeft verteld over de vreemde gebruiken en geestaanbiddingen en zo. De toegangspoort tot het dorp, bestaande uit een dwarslatje over de weg, is maar een metertje of anderhalf hoog en is bedoeld om de geesten buiten het dorp te houden. De bosnegers (of eigenlijk moeten we ze tegenwoordig boslandcreolen noemen...) geloven namelijk heilig dat boze geesten (winti) zich niet kunnen bukken en daarom dus het dorp niet binnen kunnen komen.
Ongestelde vrouwen moeten apart in een huisje verblijven afgescheiden van de rest van de bewoners. En zo stikt het van de bijgelovige zaken. Je moet daar maar een proberen serieus bij te blijven :-)
's Middags zijn we met de boot naar plantage Frederiksdorp gegaan, waar we overnacht hebben. De plantage is helemaal opgeknapt door een Nederlander (de Heer Hagemeijer en zijn Surinaamse vrouw en zoon Anton die de boot over de Commewijne voer) en de oude plantage gebouwen zijn weer in oude staat gebracht. We hebben daar in een ongelofelijk mooi parkachtig landschap een heerlijk relaxte namiddag doorgebracht. De kolibries vlogen door de tuin en verder zaten er zeker 80 verschillende vogelsoorten in de tuin (gespot door een echte vogelaar...). Wel lek gestoken door enorme hordes muggen. 's Avonds stikte het op het terras van enorme grote kikkers (foto's komen volgende keer).
Volgende ochtend, woensdag ondertussen, anderhalf later dan afgesproken opgepikt door een bootje dat ons (Michelle en ik, Suzette en haar vriend, en nog 2 andere gasten) via de Commewijne rivier, het Matapica kanaal naar de Atlantische kust bracht. Daar zijn we na een paar uur varen aan land gegaan om onze kampeerplaats in orde te maken op het strand. De landig op de kust was wel spektakulair. Want omdat we te laat vertrokken waren, was het geen vloed meer en moesten we dus met alle bagage tot aan de knieen door de modden ploeteren om op het droge te komen. Slippers verdwenen spoorloos in de modder.
De rest van de middag hebben we doorgebracht op de kampeerplaats. Helaas ging het meegenomen aggregaat stuk en moesten we in het donker de tenten nog opzetten. Dat was even een probleem, omdat de grote tent voor het eerst opgezet ging worden.
Na het eten zijn we naar het strand gelopen waar de reuze schilpadden aan land komen om hun eieren te leggen. Hier was het ons eigenlijk allemaal om te doen. In het pikdonker zijn we op het strand aangekomen waar we absoluut geen zaklampen mochten gebruiken. Onze gidsen zagen in het pikdonker erg goed waar er ergens schilpadden waren. Een enorme soepschilpad (1,5 meter lang) had een enorme kuil gegraven en was net bezig eieren te leggen. We hebben met de neus er op gezeten en konden het eieren leggen erg goed van nabij volgen. Na het leggen begon het moeizame werk voor de schilpad om de kuil weer dicht te gooien. We stonden allemaal op het punt haar een handje te helpen. De tranen stroomden letterlijk uit haar ogen van de inspanning en ze viel af en toe bijna in slaap van uitputting. Toen het gat dicht was (een gat van zeker een meter diep en 3 meter doorsnee) vertrok ze als een speer terug naar zee.
We hebben ook een leatherback bezig gezien die net haar legkuil aan het graven was. De hopen zand werden gewoon over ons heen gegooid. De schilpadden laten zich door vrijwel niets weerhouden als ze het strand op komen.l Zelfs dwars door tenten heen en door kampvuurtjes als het zo uitkomt.
We hebben in het duister aantalen schilpadden terug zien lopen naar de zee. Al met al een belevenis die we nooit meer zullen vergeten. Toen we uiteindelijk terugwaren in ons kamp was het 1 uur 's nachts. Toen gingen onze gidsen nog uitgebreid voor ons koken op een kampvuurtje in het aarde donker. We hebben niet zo heel best geslapen op de harde grond en ook niet al te lang want om 8 uur 's morgens kwam de vloed alweer op en moesten we de boot weer inladen om te vertrekken. Deze keer hoefden we dus gelukkig niet door de modder te baggeren.
Op de terugweg hebben we rode ibissen gespot en uiteraard ontelbare rode krabben, waardoor de ibissen hub rode kleur krijgen als ze deze eten, rode brulapen, allerlei kustvogels en rare visjes die over het water scheren, een soort meerval met oogjes op stokjes. Hele scholen scheerden over het wateroppelvlak. En ja, ook dolfijnen gezien in de monding van de Suriname rivier.
Nu weer in Paramaribo in ons vertrouwde hotelletje, Albergo Alberga (De film WanPipel van Pim de la Parra is hier opgenomen). Het is iedere keer weer een beetje een gevoel van thuiskomen. Na een broodnodige douche meteen aan de Djogo (is literfles Parbo bier) gegaan.
Morgen (vrijdag) vertrekken we voor drie dagen op de fiets naar plantage Waterland. Dus zondag meer hierover (met foto's).

O ja, bijna vergeten. Maandag hebben we fietsen gehuurd en in het Commewijne gebied rondgefietst en een aantal plantages bezocht. Het was een bloedhete dag dus we zijn straal verbrand. Liters vocht verloren en dat is nauwelijks met Djogo's aan te vullen.....
De plantage zijn allemaal redelijk vervallen en overwoekerd. Zoals op de eerste door ons bezochte plantage, Peperpot. De weg naar Peperpot loopt door het woongebied van Javaanse en Hindoestaanse boeren. Het was een koffie en cacaom plantage die in handen is van de overheid. De Javaanse bewoners wonen achter de vervallen bedrijfsgebouwen van de plantage. Op het plantageterrein bevinden zich nog enkele slavenwoningen. Van de vervallen bedrijfsgebouwen kun je wel iets moois maken als je maar geld hebt of subsidie uit NL kunt krijgen. Goed voorbeeld van hoe een plantage weer in oude glorie hersteld kan worden is Frederiksdorp waar we geslapen hebben. De eigenaar is er wel grijs door geworden van alle tegenwerking van de Surinaamse overheid, luiheid van de Surinamers, burocratie etc etc... Dus wij denken nog heel even na voor we ons ook in zo'n avontuur storten. We hebben ook fort Nieuw Amsterdam bezocht aan de monding van de Suriname en de Commewijnerivier. Het is nu een openlucht museum, met de meer openlucht dan museum..... Er ligt ook nog een gestrand lichtschip. Toen met een klein bootje de Surinamerivier overgestoken naar Leonsberg en door de bloedhitte terug naar Paramaribo gefietst. Op de heenweg hebben we met de fiets de steile brug over de Suriname rivier in Paramaribo genomen naar Meerzorg. Enigszins illegale aktie, maar zolang er geen politie in de buurt is, is er niets aan de hand...

Het blijft vreemd om in Zuid Amerika te zijn waar alles gewoon Nederlands is, tot de bruine boterhammen toe, Euro Shopper artikelen (bijv. spekulaas) in de winkels etc etc. Blijft wennen....

maandag 17 april 2006

Paramaribo


Gisteren zijn we na een vlucht van 8,5 uur aangekomen in Suriname op luchthaven Zanderij. Het is wel even wennen hoe lang alles hier duurt. We hebben wel een uur in de zinderende hitte in de rij moeten staan voor de paspoortcontrole. Daarna was het nog een uurtje rijden met een minibusje naar Paramaribo. De chauffeur had blijkbaar erge honger want om de 100 meter wilde hij stoppen om iets te eten te kopen. Hij trakteerde ons standaard mee op hete worst (de vlammen sloegen uit je strot..) en allerlei drankjes. Het is alsof je in Afrika bent beland. Overal zie je negerhutjes, heel primitief, en pikzwarte Creolen die allerlei waar verkopen. Dat is tenminste als ze iets doen, in de meeste gevallen liggen ze te slapen of zitten ze doelloos voor zich uit te staren. Alle vooroordelen komen uit, oeioei....
Ons hotelletje is een koloniaal huis, geheel van hout gebouwd. Erg leuk en in een leuk straatje vlakbij het historische centrum. Een eindje lopen en je zit al bij de Suriname rivier. Een grote puinhoop; scheepswrakken (ook nog eentje uit 1940) liggen nog gewoon op de bodem, half boven het water uitstekend. Ze worden niet opgeruimd, onbegrijpelijk!
Gisteravond (zaterdag) zijn we vroeg het bed ingedoken, toch wel enigszins last van jetlag..

Vanmorgen (zondag) zijn we vroeg opgestaan en zijn we het historisch centrum ingelopen. Het Onafhankelijkheidsplein (met beeld van een zeer omvangrijke Pengel) en het presidentieel paleis. Overal kom je ministeries tegen. Voor iedere scheet hebben ze een ministerie. De meeste 'werkende' mensen zijn dan ook ambtenaar. De meesten verschijnen nooit op hun werk maar ontvangen wel salaris. Kortom; corruptie alom!
We wilden Fort Zeelandia bezoeken (waar de decembermoorden zijn gepleegd) maar hebben alleen de buitenkant kunnen zien. Alles is helaas gesloten vanwege de paasdagen.
Dus hebben we maar een kerkdienst bezocht! We kwamen langs een Luthers kerkje en werden naar binnen gelokt. Het was wel een prachtig gezicht, die kerkbankjes vol met vrouwtjes met gekke hoedjes op. De dominee die op zijn plat Surinaams aan het preken was dat iedereen maar bespaard mocht blijven van sexueel overdraagbare aandoeningen...
Op een gegeven moment hielden ze het niet meer en moest er gedanst worden. Op muziek van een quartet. Het had wel iets weg van die gospelmissen in het Mississipi gebied.
Daarna hebben we nog wat rondgelopen, de Palmentuin bezocht.
Daarna hotel Torarica bezocht waar we papegaaien hoorden schreeuwen. Helaas zagen we ze niet in het wild maar in een vrij grote kooi in de tuin. We mochten er helaas niet zwemmen dus zijn we naar het Krasnapolski hotel gegaan waar we illegaal in het zwembad op het dakterras hebben gezwommen. Heerlijk verfrissend want het is hier benauwd heet (30 graden en zeer hoge luchtvochtigheid).
Deze foto links laat het toppunt van verdraagzaamheid zien in Suriname; een Joodse synagoge gebouwd pal naast een moskee!
Net heerlijk gegeten op een terrasje; een typisch Surinaams gerecht namelijk: Pom, een gerecht gemaakt van de Pomtayer knol, kip, rijst en kouseband.
Morgen gaan we fietsen in het Commewijne-gebied, waar nog allerlei plantages liggen uit de slaventijd. We nemen de boot terug en hopen daarbij zoetwaterdolfijnen te zien.
Dit is de auto van President Venetiaan.
Morgen meer! Veel groetjes en tot de volgende keer!

maandag 10 april 2006

De Surinaamse tien geboden

De Surinaamse tien geboden:
1 - Leef om te rusten.
2 - Hou van je bed, het is je tempel.
3 - Als iemand hulp nodig heeft om te rusten, help hen.
4 - Rust tijdens de dag om 's nachts te kunnen slapen.
5 - Het werk is heilig, raak het niet aan.
6 - Stel nooit uit tot morgen wat je tot overmorgen kunt uitstellen.
7 - Werk zo weinig mogelijk. Laat de anderen doen wat gedaan moet worden.
8 - Relax, er is nog nooit iemand doodgevallen tijdens het rusten, maar je kunt je lelijk verwonden wanneer je werkt...
9 - Wanneer je de zin om te werken voelt opkomen, zet u neder en wacht tot het overgaat.
10 - Vergeet nooit, werken is gezond. Laat het dus over aan de zieken.

dinsdag 14 maart 2006

Reisprogramma Suriname

Yeah, Suzette heeft geweldig werk verzet en heeft, na regelmatige ruggenspraak met ons, een zeer aantrekkelijk programma in elkaar weten te draaien. De detail teksten op deze pagina zijn afkomstig van de website en de informatie van Surinameholidays.nl. Met dank!

Het dag tot dag programma gaat er zo uit zien.

Vluchtgegevens:

  • 15 april KL713 Amsterdam - Paramaribo 12.15 - 16.25
  • 29 april KL714 Paramaribo - Amsterdam 19.05 - 09.00 aankomst 30 april

Verblijf in Suriname:

Waterland

Iets ten zuiden van het overwegend Javaanse dorpje Domburg, lag vroeger de koffie-en katoenplantage Waterland. Ooit was dit een van de grootste plantages van Suriname, prachtig gelegen aan de Surinamerivier. Een gedeelte van de plantage wordt momenteel getransformeerd tot een fraai vakantieparkje met een aantal eenvoudige, maar comfortabele plantagehuisjes.

Het kleinschalige ecoresort is ontworpen door het Nederlandse landschapsarchitectenburo Cazemier en van Kempen en nog in constante ontwikkeling. Bij het ontwerp is rekening gehouden met de oorspronkelijke flora en fauna van de omgeving zodat de gasten in harmonie met de natuur kunnen zijn. Er groeien bijzondere bomen en planten en het is een geweldige plek voor vogel- en natuurliefhebbers. Aan de Surinamerivier kunt je heerlijk relaxen en genieten van het verkoelende briesje op een bankje met een goed boek. Schrik niet als de huisara op de leuning van je waranda komt zitten.

Matapica, wilde kust experience

Suriname heeft een prachtige kust die ook wel "de wilde kust" wordt genoemd vanwege zijn uitgestrektheid. In kilometers is het strand van Suriname een onbeduidend stukje land op de wereldkaart, maar de stranden van Suriname doen wetenschappers en natuurliefhebbers die geïnteresseerd zijn in het wel en wee van zeeschildpadden watertanden.De stranden van Matapica en Galibi behoren tot de meest gewilde legplaatsen voor deze reusachtige zeedieren. De kust van Suriname heeft zeer schoon water maar is bruin van kleur door het slib dat via de rivieren vanuit de binnenlanden in zee terechtkomt. Vanaf maart tot half juni is dit het leggebied van verschillende zeeschildpadden. Jaarlijks komen er dan ook duizenden zeeschildpadden naar de Surinaamse stranden, met name in het Galibi Natuurreservaat en het gebied rondom Matapica, om hun eieren te leggen. De soorten die naar de Surinaamse stranden trekken zijn de Green Turtle, ook wel bekend als krape, de Olive Ridley of warana; de Leatherback of aitkanti en de Hawksbill of karet.

Kayser gebied

Goddank zijn er op onze aarde nog plekjes waar absolute stilte en natuurschoon de boventoon voeren. Zo langzamerhand is dat een luxe. Het gebied rond het Kayser-gebergte valt in deze categorie met zijn adembenemend mooie natuur, vol dieren die je in de kuststrook niet of nauwelijks ziet, pure zuurstof, bloemen en water zo puur dat je het zo, zonder vrees, uit de kreek in je mond kunt scheppen. Een zalig gevoel van onbelemmerde...vrijheid.

Het Kayser-gebergte ligt ten zuiden van de Lucierivier in het district Sipaliwini. Het gebergte strekt zich over een lengte van circa 80 tot 90 kilometer uit en loopt zuidoost-noordwest. In het zuiden wordt het hoger tot ongeveer 783 meter en daalt naar het noordoosten of tot een heuvellandschap, om in het midden de grootste hoogte te bereiken van 861 meter. De oost- en noordhelling watert af naar de Zuid- en Lucierivier; de west- en zuidhelling naar de Coeroeni. De grens met Brazilië in het zuiden wordt gevormd door de waterscheiding tussen de Surinaamse en Braziliaanse rivieren. Deze waterscheiding werd vastgesteld tussen 1935 en 1938 door een grensexpeditie, onder leiding van vice-admiraal buiten dienst, C.C. Kayser. De Zuidrivier en de Lucierivier vormen samen de zuidelijke grens van het huidige Centraal Suriname Natuurreservaat, een samenvoeging van de eerder apart ingedeelde reservaten te weten; Raleighvallen, Tafelberg en Eilerts de Haangebergte. Door de creatie van dit enorme natuurreservaat is het totaal aan beschermd gebied gekomen op 12 van het grondgebied van Suriname. Het Kayser-gebergte ligt voor de laatstgenoemde. Er zijn geen permanente vestigingen van mensen binnen of rondom het reservaat.

Guesthouse Albergo Alberga

Adres: Lim a Postraat 13 - Paramaribo

Het sfeervolle guesthouse is gevestigd in een koloniaal houten gebouw midden in het centrum van Paramaribo, op steenworp afstand van de gezellige Waterkant en tal van bezienswaardigheden die de stad heeft te bieden.




Paramaribo

the 17th-century capital of Suriname, is graced with attractive Dutch, French, Spanish and British colonial architecture. Imposing brick buildings overlook grassy squares and wooden houses crowd narrow streets. Towering palms shade some areas and mangroves still hug the riverside. Mosques and synagogues sit side by side, while Javanese vendors peddle satay and Dutch-speaking Creoles guzzle beer at sidewalk cafés. Central Paramaribo's focus is the Onafhankelijksplein (Unity Square), fronting the Presidential Palace. Immediately behind the palace is the Palmentuin, an attractive park with tall palms inhabited by tropical birds. To the east is Fort Zeelandia, a 17-century riverside fortification used for the detention and torture of political prisoners after the coup of 1980. The main market is found on the riverside boulevard, Waterkrant, and ferries for Meerzog, on the other side of the river, leave from nearby.